VOOR JOU

hoe wen je eraan dat je kind zo anders is dan jij?

kind anders
14 september 2018

Mijn kinderen zien er anders uit dan ik. Dat mag natuurlijk niets uitmaken, qua onvoorwaardelijke liefde en zo, maar ik ben er nogal kinderachtig in. Zie ik een blonde krullenmoeder met blonde krullendochter op de fiets, dan steekt dat. En bij een compleet gezin met doorlopende wenkbrauwen denk ik: ja, die kerstfoto straks, die klópt tenminste.

TEKST Elise van der Velde

Ze lijken zó niet op mij dat op het schoolplein eens voorzichtig werd gevraagd of ze uit een eerder huwelijk van mijn man kwamen. En toen ik mezelf tijdens een klasse-uitje voorstelde als moeder van Loes, reageerde een klasgenootje gedecideerd: ‘Haar pleegmoeder dan zeker.’

Ook hun karakters verschillen van het mijne. Ik was een rustig, volgzaam kind dat graag tekende of las. Zij zijn zeer aanwezig, nemen weinig voor waar aan en hoewel ze prachtige kamers hebben, zijn ze het liefst waar ik ben, om hen onafgebroken te vermaken.

De oudste, van zestien, lijkt wel op mij. Ontzettend zelfs. Ties heeft mijn kleurtje, mijn bouw, mijn donkere haar. Alleen zit hij, door zuurstofgebrek bij de geboorte, zwaar spastisch in een rolstoel dus denkt iedereen dat ik z’n begeleider ben.

Stiefmoeder. Pleegmoeder. Begeleider. Au, dat doet pijn. Maar waarom? Waarom stoort het me zo dat ik me, als moeder van drie, met geen enkel kind kan identificeren?

Omdat het onzeker maakt. Als je een kind begrijpt zoals je jezelf begrijpt, kun je het beter begeleiden. En makkelijker liefhebben. Het is geen geheim dat we in de ander vooral onszelf willen herkennen Zeker voor ouders met een gehandicapt kind kan dat, door fysieke en/of verstandelijke verschillen, flink zoeken zijn. En soms, zoals bij mij, weet je niet eens wat voor karakter je kind écht heeft. Is Ties braaf en volgzaam zoals ik of omdat hij nu eenmaal geen kant op kan in die rolstoel? Is hij graag alleen op z’n kamer of kan hij gewoon niet veel prikkels verwerken?

Een paar jaar geleden las ik een artikel van een vrouw met dwerggroei, die een zoon van normale lengte kreeg. Natuurlijk was ze blij dat haar zoon geen dwerggroei had – ze gunde hem een jeugd zonder de obstakels en pijnlijke operaties die zij had gekend. Maar toen hij er eenmaal was, had ze het moeilijk met hun grote verschillen. Tot ze doorhad dat zij nu al moest accepteren wat andere ouders pas later leren: ‘Our children aren’t us.’  

Ik denk aan Loes (9), die aantrekt wat ze wil (en niet per se seizoensgebonden), terwijl ik nooit de kleding ter discussie stelde die mijn moeder klaarlegde. Maar ze is supercreatief en zelfverzekerd in haar combinaties, terwijl ik nog steeds mijn eigen stijl niet heb gevonden. Ik denk aan Rijk (13) die tevreden is met een zes, en dat extra stapje weigert voor een hoger cijfer. Maar hij zit stukken beter in z’n vel dan ik op die leeftijd met al mijn achten. En ik ken geen zestienjarige die meer schijt heeft aan de wereld om hem heen dan Ties, mijn stoere spastische zoon. Waar ik al ‘sorry dat ik besta’-zeggend door het leven ga, rijdt hij met z’n elektrische rolstoel iedereen voor de sokken die niet op tijd opzij springt.

Ja, het is oncomfortabel om je te realiseren dat je kinderen geen verlengstuk zijn van jezelf. Maar wat is het mooi om te ontdekken hoeveel je van hen kunt leren.

Lees ook: hoe Silvie worstelt met haar ambities voor haar puberzoon met Down. Wil ze teveel?

Lotje&co is hét online platform voor gezinnen met een zorgintensief kind. We zijn er voor jou, met herkenbare verhalen, workshops en aanbiedingen. Maak ons werk mogelijk en word lid!

https://www.lotjeenco.nl/lid-worden

 

 

 

Geef een reactie

site De Heren Van

Pin It on Pinterest