Blog Merel Olden

zelfs tijdens een ‘wereldreis’ laat Hester Merel niet los

wereldreis

Billy, de lieve, jolige ober van onze lodge heeft me nu al drie keer omhelsd en zelfs Niek een keer geknuffeld. Met een pruillipje zegt hij: ‘Ik wil niet dat jullie weggaan.’ ‘Wij willen ook niet dat we weggaan’, zeg ik terug.

TEKST Merel Olden

Jori komt ondertussen handen tekort, want er zijn vier honden om voor het aller-, allerlaatst te aaien. ‘Kom lieverd, we gaan naar Robbie’, roept Niek en wijst naar de huurauto. Met moeite maakt Jori zich los, loopt naar de auto, maar rent dan weer terug. ‘Nog één keer Charlie aaien!’ roept hij naar ons.

Tien minuten later zwaaien we dan eindelijk naar Billy en rijden voor de allerlaatste keer over de lange, hobbelige oprijlaan naar boven. We zullen nog meer dan 14.000 kilometer moeten overbruggen voordat we onze voordeur weer open kunnen maken. Zes uur rijden, vier uur wachten, twee uur in rijen staan, twee uur winkelen en eten en dertien uur vliegen hebben we nog te gaan. In zevenentwintig uur van de ene naar de andere kant van de wereld. Van dit onvergetelijke, prachtige land met zijn warme mensen en fantastische dieren naar het prettige, maar ook veeleisende en veel te echte leven thuis.

Negen uur is het, zie ik op het autoklokje. Bij Hesters zorginitiatief rijdt, als het goed is, exact op dit moment een grote vrachtwagen het terrein op met een aantal potige mannen erin die van aanpakken weten. Die na een paar foute moppen en een kop sterke zwarte koffie steeds meer vertrouwde meubels oppakken en in hun vrachtwagen laden. De dozen meenemen waarin de afgelopen weken bekende voorwerpen verstopt zijn. De leegte steeds groter maken tot er alleen een holle, kale ruimte overblijft. Zal ze het begrijpen? Of is ze bang en zoekend naar een vertrouwde hand om vast te pakken? ‘Pap en mam komen haar over een uur al halen’, stel ik mezelf gerust. Wat is Nederland nog ver weg. Wat vreselijk dat ik dit niet anders heb kunnen plannen.

‘Veilig geland’, appen we tweeëntwintig uur later naar vrienden en familie. Een kwartiertje vertraging maar en geen turbulentie. Mijn vliegangst en mijn ongerustheid over Hester heb ik zoveel mogelijk onderdrukt de afgelopen uren. Maar geslapen heb ik nauwelijks en mijn spieren zijn stram en stijf.

Om twaalf uur ’s middags stormt Jori op de deur af. ‘Robbie, Robbie, Robbie’, roept hij en trekt de deur open. De hond kwispelt terwijl hij wordt overladen met knuffels, aaien en kussen. Zijn oppas, mijn lieve vriend Karel, heeft de koffie al klaar. Ons huis is zo vertrouwd en tegelijkertijd zo vreemd. Mijlenver van de olifanten en buffels, de bananenbomen, de braai en Billy. Mijn lichaam is hier in zevenentwintig uur heen gereisd, maar mijn geest heeft daar nog wel een paar dagen voor nodig.

Op datzelfde moment wordt Hester door pap en mam naar haar nieuwe huis gebracht na een nachtje logeren bij wijze van tussenlanding. Ook zij komt na exact zeventwintig uur in een totaal andere wereld terecht. Haar eerste reactie is ferm: ‘Ik wil met pap en mam mee naar huis’, laat ze mijn ouders en haar begeleiders duidelijk en herhaaldelijk weten. Maar dat gaat niet. Ze zal hier moeten blijven en moeten wennen.

De volgende dag, na een goede nacht in ons eigen bed, is het eerste wat we doen Hester opzoeken in haar nieuwe huis. ‘Hoi Merel’, roept ze enthousiast ‘Dag Niek’, ‘Hé Jori’. En daarna vraagt ze wel tien keer of ik haar mee naar huis ga nemen. ‘Dinsdag mag je mee’, zeg ik, maar dat lijkt niet door te dringen. Ongerust spied ik naar alarmerende signalen die er op wijzen dat ze dit allemaal niet verwerkt krijgt. Trillende, kramperige handen, rare blikken, wazige blikken, druk onlogisch gebrabbel. Ik vind ze niet en ontspan. Want Hester heeft haar wereldreis zonder al teveel turbulentie doorstaan en lijkt veilig geland te zijn. Dat haar geest zich nog even verzet tegen de overgang van de ene naar de andere wereld, dat begrijp ik als geen ander. Dat duurt nu eenmaal wat langer.

Lees ook: Evert heeft het woord ‘brussen’ tot een werkwoord gebombardeerd, want de zorg(en) laten je nooit los. Ook niet als je op wereldreis bent zoals Merel.

Lotje&co realiseert zich dat de zorg 24 uur per dag aanwezig is, fysiek en mentaal. Hoe fijn is het om dan 24 uur per dag onderdeel te zijn van een community waar je verhalen vol herkenning kunt lezen? Zo ben je nooit alleen. Ben jij al lid van deze community?

wereldreis

 

Geef een reactie

Merel Olden
Merel Olden Merel Olden (45 jaar) getrouwd en moeder van een zoon van veertien werkt als ambulant begeleidster voor mensen met een licht verstandelijke beperking. Haar zus Hester werd elf maanden voor haar geboren met een open rug en liep vlak na de geboorte een hersenvliesontsteking op. Als kind waren Hester en zij onafscheidelijk. Vanaf haar achttiende kreeg Hester te kampen met ernstige epilepsie. Die is de laatste jaren beter onder controle, maar sindsdien gaat Hester mentaal en lichamelijk steeds verder achteruit. Merel schrijft hierover voor Lotje&co en haar blog zuszo.weebly.com.

Meer Merel Olden

Klik hier voor alle Lotje&co bloggers

Misschien vind je dit ook interessant

site De Heren Van

Benieuwd naar de rest van het verhaal?

Lees dan rustig verder. Wij willen met onze verhalen zoveel mogelijk mensen bereiken, en zo gezinnen met een zorgintensief kind ondersteunen.

Maar dit kunnen wij alleen doen dankzij betalende lezers. Draag jij ons werk een warm hart toe? Doneer eenmalig of word trouwe vriend van Lotje!

>>Sluit deze pop-up om eerst verder lezen

word vriend

  • Ik word trouwe vriend
  • Dit veld is voor validatie doeleinden en moet ongewijzigd blijven.

Pin It on Pinterest